Aad Verbaast

te gek voor woorden eigenlijk

Tag archief: ziekte

Meer lol met cholesterol

cholesterol
Komt een man bij de dokter, blijkt zijn cholesterolgehalte licht verhoogd. Daar krijg je (zegt ze) onverwijld een hartverzakking van. Geen nood: “Daar hebben we een pilletje voor”. “Vet gaaf” denk je nog even. Maar al die bijwerkingen voor het leven? En hij besluit gezonder te gaan leven. Blijkt echter ook maar zeer relatief. Help!

Cholesterol
Ik zal de lezer niet vermoeien met de diarree aan artikelen over cholesterol die over ons wordt uitgestort op het internet. Je zou ook al haast tot de conclusie komen dat die ader ook allang is dichtgeslibd.
Maar een paar breed gedeelde opinies wil ik (voor de loop van het verhaal) wel even kwijt.

Je hebt goede en slechte cholesterol. Slechte (LDL) zorgt voor de afzettingen, en de goede (HDL) werkt er aan deze weer op te ruimen. De ratio (totaal cholesterol/HDL) geeft een maat voor het risico op hart- en vaatproblemen. Wat getallen als de waarden “normaal zijn”:
Cholesterol: 2,6-5
Triglyceriden: 0,5-2
HDL: 0,9-1,7
LDL: <3,5
Ratio: 2,5-5

Persoonlijk aanvalsplan
Dat pilletje eerst maar eens afgeslagen. Ik kreeg meteen al ernstig last van hartkloppingen (“hebben we ook een pilletje voor”) toen ik de bijwerkingen zag. Bijwerkingen die overigens door de artsenij worden gebagatelliseerd. Ander onderwerp, maar de praktijk leert dat als er geklaagd wordt gerapporteerd deze niet in de statistieken worden verwerkt. “Niemand zit te wachten op de waarheid”, geldt ook hier. En zeker die farmamaffia houdt die deuren netjes gesloten. 1,5 miljoen Nederlanders (en stijgend) slikken die rommel. Voor het leven. Kassa!

Geïnspireerd door de al decennia lange en indringende campagnes van de hartstichting besloot ik met voeding een en ander te verbeteren tot acceptabele proporties. De pil kan altijd nog immers.

Rollebollen met de diëtiste. Inname drastisch aangepast. Kaasboer vervangen door de visboer en groenteboer. Over naar de biokip ipv varken. Koffiecreamer in de prullenbak. Kant en klare zooi komt het huis niet meer in. Frituur is omgebouwd tot plantenbak. Snacks vervangen door een enkele walnoot. Halfvol door mager. En natuurlijk: volle fruitschalen. Verder beweeg ik me een ongeluk.

Dat alles ondersteund door een geweldige internetsite: mijn voedingscentrum. Dagelijks ingeven wat de inname is en een haarfijne berekening (cijfers achter de komma) laat zien of de balans van de voeding op orde en gezond is.

Rijkelijk voorzien van welgemeende adviezen. Kom er nog maar eens om. Ik ben er toch al per dag weer een uurtje zoet mee om dat alles nauwgezet te fine-tunen. Met resultaat. Veel gezonder dan nu kan ik niet eten. Inleveren? Ja, maar alles voor de goede zaak toch?

Maar dan
Het lichaam werkt zelf om het hardst om cholesterol te produceren.
Slechts zo’n 30% van de cholesterol komt door voeding het lichaam in lees ik, tot mijn ontsteltenis, in brochure van de hartstichting. De rest worden door de genen bepaald. Bij de een meer dan de ander zo blijkt.

Nu slaat de totale verwarring bij me toe. Met (heel) gezonde voeding blijk je je cholesterolgehalte slechts met maximaal 10% te kunnen verlagen, zo stellen de experts! Peanuts dus.

Nadat ik die onwelkome boodschap even had laten bezinken schoot me de volgende gedachte door het hoofd: als dat werkelijk zo is, dan moet het omgekeerde toch ook waar zijn?

Moet de conclusie dan ook niet zijn dat als je héél ongezond eet (totale overgave aan de vermeende doodzonde!) je cholesterol gehalte slechts met 10% kan stijgen? Dat valt dan toch ook in de marge?

Maar als dat dan zo is, waar maken we ons met zijn allen dan zo ongelooflijk druk om?!?!

Plaatje: http://www.hartwijzer.nl/LDL-cholesterol.php

Oh jee. Diagnose PHPD

Vervelend bericht natuurlijk. Maar ook ergens wel weer een opluchting. Eindelijk duidelijkheid immers. Een pijnlijke tijd geweest. Vol met onzekerheden. Een mens kan niet goed met onzekerheden omgaan. Meten is weten, dus geen keus. Geef me duidelijkheid! En die is er nu: ik lijd aan PHPD.

Eigenlijk, terugkijkend, heb ik er al jaren en jaren last van. Maar was het ernstig genoeg om er naar te laten kijken? Of probeerde ik een diagnose uit mijn gezichtsveld te houden bang voor een naar bericht? Ontkenning die me mogelijk duur zou komen te staan, omdat ik te laat was? De stoute schoenen toch maar aangetrokken.

Al weer een tijdje geleden een gesprek gehad met de huisarts. Afgesproken dat we toch maar een rondgang zouden maken langs diverse specialisten. Foto’s, bloedonderzoeken, echo’s, scans. Je kent het wel. Of niet. Resultaat? Allemaal negatief. Wat in de medische wereld weer positief schijnt te zijn. Voor mij niet. Ik wist immers na al die ‘specialisten’ nog steeds niet waar ik aan toe was. De pijntjes bleven en bleven maar aanhouden. Dan weer hier, dan weer daar.

Maar vandaag eindelijk een afrondend gesprek.
Ik heb niet zo’n prettig bericht voor je, zei ze. Ik twijfel niet meer. Het is PHPD.

Het was even stil, maar het kwam toch als een schok binnen. Mijn reactie observerend, vertelde ze er meteen bij dat het best heel veel voorkwam, zowel bij mannen als vrouwen. Je kunt er gewoon oud mee worden. Niet iets om je direct zorgen over te maken. Maar wel erg vervelend natuurlijk.
Is er wat aan te doen? Niet echt, was haar antwoord. Dan moet je meer denken aan symptoombestrijding. Soms werkt het, soms niet.

Opgelucht, maar ook wel bezorgd stond ik op. Vol vragen. Maar wel de behoefte het even te laten bezinken.

Al bij de deur, vroeg ik nog aan haar: waar staat PHPD eigenlijk voor?
Ze keek me versteld aan, alsof ik van een andere planeet kwam.
En antwoordde: Pijntje Hier, Pijntje Daar.

En hoe kan je het behandelen?
Met PHPD natuurlijk. PHPD?

Ja, Pilletje Hier, Pilletje Daar.

Ik wist genoeg. Ik zal er mee moeten leven als nieuwbakken PHPD-er. Toppertje, mijn huisarts.

Plaatje komt hier vandaan.

Placebo Politiek

placebo’s blijken uiterst krachtige medicijnen te zijn. Het woord is afkomstig uit het latijn: “ik zal behagen”. Alhoewel de placebo geen enkel werkzaam component bevat, kan het slikken er van al genoeg zijn om genezing te bewerkstelligen. Het menselijk brein is dus tot wonderlijke dingen in staat. Het zogenaamde “zelfgenezend vermogen”. We kunnen onszelf in voorkomende gevallen onszelf genezen! En lang niet altijd is er een formeel medicijn voor nodig.

Dat farmaceutische industrie worstelt uiteraard met dit effect. Ze worden gedwongen zogenaamde dubbelblind onderzoeken uit te voeren. Hierbij wordt het effect van de placebo, vergeleken met het effect van het benoemde werkzame medicijn. Als er een significant verschil optreedt (ten positieve) , dan mag dit als klinisch bewijs opgevat worden dat het medicijn werkzaam is. In de bijsluiter moet dan nog komen te staan wat eventuele nare bijverschijnselen kunnen zijn.

Waar de farmaceutische industrie niet aan mee wil werken (verrast?)  is om te onderzoeken in hoeverre een placebo werkzaam is in vergelijk tot het niet toedienen van een placebo. Stel je voor immers dat een placebo 80% effect heeft, en het dure medicijn ‘maar’ 90%. Dat kan een significant verschil opleveren. Maar ten opzichtte van wat? Is dat de meerprijs waard?
Waar ze ook niet aan mee wil werken is welke factoren bijdragen aan het placebo-effect. Ze maken er wel gebruik van hun echte medicijnen aan de man te brengen overigens..

Maar gelukkig is er wel onderzoek naar verricht. Tegen de stroom in, maar toch.

Enkele resultaten van de onderzoeken.
– belangrijkste “ingrediënten”: geloof, hoop, en verwachting.
– het proces is belangrijker dan het middel.
– het enthousiasme en zekerheid van de behandelaar is een belangrijke factor.
– de congruentie van de behandelaar: “hij moet zeggen wat hij doet, en doen wat hij zegt”
– een duur placebo werkt beter dan een goedkoop placebo.
– meer pillen werken beter dan één soort pil.
– nieuwe ‘medicatie’ werkt beter dan een oude.
– zelfs de kleur is van invloed.

Ethiek:
Werden in de jaren ‘50-‘60 nog heel regelmatig placebo’s voorgeschreven. Inmiddels wordt in de medische ethiek dit als on-ethisch aangemerkt. Een belangrijke verschuiving!

Politiek.
Al lezend en door-mijmerend over het placebo effect, zag ik meer en meer parallellen met de politiek (behandelaars) en ook de kiezers (de slikkers). Macro, micro, van links tot rechts en van onder tot boven.
Moet ik namen noemen? Roept u maar.. Wie niet? De een overigens succesvoller dan de ander. Niet alle politici beheersen hun ‘vak’. Anderen behandelen ten volle. Wachtkamers vol. De slikkers stromen vol vertrouwen toe. In de hoop en verwachting ergens van genezen te worden.

Enkele parallellen, naast het hierboven gegeven evidente lijstje resultaten natuurlijk:

Waar het in de medische wetenschap al langer als on-ethisch wordt gezien het middel toe te dienen, wordt het door de politiek snelstens uit de kast getrokken.

Waar de politiek zichzelf regelmatig op de borst klopt over behaalde resultaten, zijn veelal de belangrijkste ingrediënten: “geloof, hoop, en verwachting.”

Worden er ‘echte’ medicijnen uit de kast gehaald, dan blijkt vaak het middel erger dan de kwaal. Zonder bijsluiter, vele nare bijwerkingen. Er wordt ook nog eens een te hoge prijs voor betaald.

De slikkers van dit alles hebben een rotsvast vertrouwen in het toegediende placebo. En doen er alles aan om aan te tonen dat het werkt ook nog. De behandelaar bevestigd ze in dat geloof. Congruent.

Volksziekte nummer 1: goedgelovigheid.
Een hardnekkige ziekte, die al duizenden jaren met pandemische proporties over de aardbol raast. Uiterst besmettelijk ook nog.

Geen placebo, noch een werkend medicijn is er voor gevonden waarbij een goede werking is aangetoond. Het virus lijkt schier onbehandelbaar.

Waarom niet?

Misschien werd het antwoord daar al voor gegeven door Galenus (130-200 n. Chr.).
Die stelde toen al dat het de taak van de behandelaar was het zelfgenezend vermogen te ondersteunen en te bevorderen.
En dat is nu juist wat er niet gebeurt in relatie tot juist deze ziekte.

Het is juist voor deze ziekte niet in het belang van de behandelaar. En de slikker moet dat dan maar slikken?

Dan is de cirkel weer rond.

Als de behandelaars ons niet willen behandelen, dan moeten we als burgers en kiezers meer gaan vertrouwen op ons eigen zelfgenezend vermogen. En elkaar de wel werkende medicijnen en zelfs placebo’s (“ik zal behagen”) toe dienen. De behandelaar houden het echte medicijn (de waarheid) immers achter de door hem gesloten deuren.  

En geen vrede hebben dat het medicijn niet beschikbaar gesteld wordt.

En daarmee vrede bereiken. Er is te veel oorlog.

  
Plaatje (deels) geleend van: www.ideachampions.com

Pandemie: niet een kwestie van of, maar van wanneer.

Een grensoverschrijdende uitbraak van een voor de mens dodelijk virus. een pandemie. de tikkende tijdbom. met een substantiële depopulatie van onze wereld tot gevolg. Je kan er op wachten. Niet een kwestie van of, maar van wanneer, zeggen de virologen.
 
Virussen hebben de bijzondere eigenschap dat ze zich hechten aan cellen van hun ‘gastheren’. De cel dan infecteren met eigen genetisch materieel. Vervolgens zich snel vermeerderen, dode cellen achterlatend. Er zijn meer dan 60 miljard virussen.
 
Nog een bijzondere eigenschap van virussen: ze muteren nogal snel (1 op 10.000). Dat is erg lastig. De gastheer, die een virus mogelijk na lange tijd middels een ingewikkeld systeem van opbouwende afweer onder de knie heeft gekregen, herkent het gemuteerde virus niet meer waardoor de mutatie weer ongestoord zijn gang kan gaan. Soms voorlopig (het lichaam kan de strijd weer winnen), soms niet voorlopig: het lichaam kan geen resistentie opbouwen. En moet de aanval met de dood bekopen.
 
Alle (bekende) virussen vinden hun oorsprong in dieren. En zijn soortgebonden. Om voor de mensen op grote schaal een gevaar op te leveren moeten er een nog een “mutatie tweetrapsraket” doorlopen worden.
1. het virus moet van zodanig muteren dat het van een dier op de mens kan worden overgebracht.
2. het virus moet dan vervolgens zodanig muteren dat het van mens tot mens kan worden overgebracht.
 
Is deze laatste stap ook genomen door het virus, dan kan er een zich razendsnel verspreidende wereldwijde pandemie ontstaan met destastreuze gevolgen als het virus voor de mens dodelijke gevolgen kan hebben.

De wereld kent in de historie talrijke voorbeelden van pandemieën. Een niet compleet overzicht:
 
540 B.C.: Byzantijnse rijk. Pokken. Een kwart van de bevolking overleefde het niet. In de Balkan was dat de zelfs meer dan de helft.

1347-1352: Europa. De builenpest. De Zwarte Dood. Meer dan 25 miljoen doden. Dat was toen 1/3 van de bevolking.
 
Na 1492 nadat Columbus  Amerika had ontdekt werden er ook virussen binnengebracht waar geen resistentie voor bestond. De bevolking (geschat op 40-100 miljoen bewoners toen) werd gedecimeerd tot minder dan 10 miljoen. Hele beschavingen werden van de aardbodem weggevaagd (Azteken).
 
1918: Spaanse griep. Een door Amerikaanse soldaten binnengebracht griepvirus dat in een paar jaar 50 miljoen doden tot gevolg zou hebben. 50% van de wereldbevolking raakte besmet.
 
Vanaf 1980: Aids. Wereldwijd al 25 miljoen doden. 40 miljoen mensen dragen de ziekte.

Recent werd de wereld nog opgeschrikt door het SARS virus en een uitbraak van het H5N1 virus (vogelgriepvirus). Gelukkig (nog) een close escape. De tweede trap van het virus (overbrengen van mens op mens) ‘ging niet af’… Dat heeft ons gered.

Zou dat laatste wel gebeuren (ergens kan dat op elke moment wel gebeuren.) dan is de ramp niet te overzien. Het grote verschil met de historische pandemieën is namelijk dat de mobiliteit in de wereld exponentieel is toegenomen. Met 2 miljard vliegreizen per jaar heeft binnen de kortste keren een virus zich tot in alle uithoeken van de wereld verspreid. 

Wordt er rekening mee gehouden in de wereld?

  • – de Wereldbank heeft een scenario gepubliceerd als zoiets dergelijks zou gebeuren. In dat scenario voorspellen ze 180 -250 miljoen doden, en het dramatisch ineenzakken van de wereldeconomie. Doordat er wereldwijde verboden gaan komen op bijvoorbeeld reizen, groeperen etc. Je kunt je je haast niet voorstellen wat dat voor dramatische gevolgen zou hebben.
  • – De politici: die beschouwen het als een incident als het zou optreden. Geheel passend in hun beperkte hobby: incidentpolitiek bedrijven. “We zien dan wel wat voor maatregelen we gaan treffen”. Politiek ligt het moeilijk om te gaan investeren om iets te gaan voorkomen..
  • – De virologen wereldwijd: het is niet een kwestie of het gebeurt. Enkel wanneer het gebeurt. Dat moment is niet te voorspellen. Ze lobbyen zich kapot en lopen tegen dichte deuren in de politiek om preventieve maatregelen te treffen. Het enig wat tot nu toe is bereikt is dat er een uitgebreider ‘surveillancesysteem’ is opgezet, om uitbreken van virussen bij dieren eerder te ontdekken. Noodzakelijk, maar niet genoeg.

Tja en dan zijn er natuurlijk voorspellingen over bioterrorisme. Wat als een terroristische groepering een tweede-traps virus kan aanmaken, en ergens in de wereld loslaat? En daarmee een het Wereldbank scenario ten uitvoer brengt.

En nog de complot theorie liefhebbers. Die hebben al ‘vastgesteld’ dat het Amerikaanse leger, het dodelijke virus al op de plank heeft liggen. In het rapport ‘Air Force 2025’  zou staan dat het virus in 2009 wordt losgelaten. In het zelfde rapport wordt overigens ook ‘voorspeld’ dat de VN in 2010 uiteen zou vallen.
 
En wat te denken van de niet hanteerbare groei van de wereldbevolking. Van nu 6,5 tot 9 miljard in 2050. Zou de natuur zijn eigen maatregelen bedenken daar een stokje voor te steken? De oplossing is er al immers: het virus.

“Virusses rule the World”. Nu al.

Bronnen (o.a.):
Wikipedia: Pandemie
Wikipedia: Virus
Wikipedia: Epidemie

Fictie en film:
Outbreak film (Dustin Hoffman)
Outbreak boek, Robin Cook
Epidemie boek, Robin Cook
Het Kyoto virus boek Lynn Sholes, Joe Moore
De beproeving boek, Stephen King. 95% van de wereldbevolking bezwijkt..

bron plaatje.

Deel van een serie over ‘micro monsters’:
Virussen: Pandemie: niet een kwestie van of, maar van wanneer.
Bacteriën: Bacteriën: één grote beestenboel

Schimmels.: komt nog
Parasieten: komt nog.