Aad Verbaast

te gek voor woorden eigenlijk

Tag archief: stemmen

Het vurrukkullukku veinzen

europees parlement

Op 22 mei (hier) sleept menigeen zich weer naar de stembus om een Europees parlement te kiezen. “Feest van de democratie” wordt er dan geroepen. Maar ja, er wordt wel meer geroepen. En als je dan stemt dan veins je te weten waar je op stemt, en op wie, en waarom. En wat blijkt? Niets is minder waar.

De opkomst zal weer “dramatisch” laag zijn. Dat verbaast niemand. Het is niet meer te begrijpen hoe de besluitvorming plaatsvindt. Laat staan hoe je die nog met je stem zou kunnen beïnvloeden.
En verrassend inkijkje gaf de docu “de slag om Europa” afgelopen week (kijken als je die nog niet gezien hebt!).

Daar werd weer even duidelijk in beeld gebracht hoe politici veinzen de waarheid in pacht te hebben. Opvallende verschillen tussen al deze ‘waarheden’. Binnen partijen wordt met het grootste gemak en dus met grote regelmaat anders gestemd en gedacht in Den Haag dan in het Europese Parlement. Stemmen verwateren nog verder dan de al homeopathische verdunningen door afgedwongen partijdiscipline op Europese schaal.

En toch veinzen al die politici in hun peperdure campagnes dat als je je stem aan hen geeft het dan allemaal wel goed komt. Koek en ei. Of het nu minder- minder is, meer-meer, of anders. Feodaal dan wel federaal. Ook definities waar menigeen nog op zou moeten studeren aangezien ze voor velerlei uitleg vatbaar blijken te zijn. Roeptoeteren is de standaard.

Wat er dan vervolgens met je stem gebeurt blijft ook volkomen duister. Zelf gaan ze nog een stap verder: je geeft ze (wie?) niet alleen een stem maar daarmee ook nog eens “mandaat”. Levensgevaarlijk natuurlijk. Mag je in de krant lezen (als het er al in staat) wat ze daarmee allemaal uitgevreten hebben. Als ze al iets uitvreten. Of elkaar in de fractie al de tent uit hebben gevochten.

Er wordt wat afgeveinsd in de politiek. Maar ook door de burger, door de machtige lobby van de industrie (meer lobbyisten in Brussel dan ambtenaren). Ach, door wie niet? Accountants, de farmamaffia, de advocatuur, de banken, de makelaardij, grootgrutters, noem ze allemaal maar op. Om maar over het veinzen in persoonlijk relaties te zwijgen.

Is dit dan op de valreep een pleidooi voor “total honesty”? “Zeggen wat je denkt, en doen wat je zegt”?
Absoluut niet! De ramp zou niet te overzien zijn. Ik hoef hier geen voorbeelden te noemen. Talloze. Macro en micro.

Net als het leven is veinzen “vurrukkulluk” . Het houdt ons van de straat immers.
We willen namelijk graag belazerd worden waar je bij staat.
Daar kiezen we dan wel weer massaal voor.

Over drempelvrees, kiesdrempels en verstandskiezen

De verkiezingsprogramma’s zijn vastgelegd. De één met nog schonere beloften dan de ander. Het wachten is nu op het “mandaat van de kiezer”. De stembus als grabbelton. Graaien naar de gunsten van de stemmer, om ze vervolgens te grabbel te gooien.

De kiesdrempel
Nederland kent geen (kunstmatig verhoogde) kiesdrempel. Ook de ‘kleintjes’ kunnen een zeteltje verwerven. Door de voorstanders geroemd als de ultieme democratie. Door de tegenstanders (ook democraten, wie niet) gezien als een verstoring van de mogelijkheid om stevig te regeren vanwege al die verschillende meningen/coalities. Paul Brill (Volkskrant) refereerde zelfs naar “Israëlische toestanden” in Nederland in een pleidooi de kiesdrempel maar eens flink op te schroeven. Alsof ‘Amerikaanse toestanden’ zoveel meer ruimte biedt aan de meningen van de burger.

Zelfs met deze laagst mogelijk kiesdrempel is het een waar kunststukje om zoveel Nederlanders met zoveel meningen in het keurslijf van slechts enkele partijen te duwen. Dat is dan ook onmogelijk. Daarmee al meteen een stevige deuk oplopend in het imago van een vermeend hoog democratisch gehalte.

Het zijn slechts de politici zelf, die breedsprakig stellen “geheel achter” hun eigen programma te staan. Logisch: zij hebben geen andere keuze (meer).

Ik wel: mijn kiesdrempel is nog nooit zo hoog geweest.

Drempelvrees
“We sluiten niemand uit”. De inkt is nog niet droog van de verkiezingsprogramma’s of er is al drempelvrees om van te voren duidelijkheid te verschaffen over wat keiharde punten uit het programma zijn, of met wie men wel of niet in zee wil gaan. Daarmee meteen het programma boterzacht makend. Pas na de verkiezingen krijgt de kiezer het aloude excuus te horen dat er “nu eenmaal compromissen” moeten worden gesloten. Welke mag je dan lezen in de kranten.

De enige die consequent wordt uitgesloten is de kiezer. Die mag maar gaan afwachten hoe zijn stem wordt misbruikt in de tombola om de macht.

Mijn drempelvrees is nog nooit zo hoog geweest.

Mandaat
Meteen acute kramp in de bilnaad als ik dit woord hoor uit de mond van politici. Inmiddels chronisch. “Het wachten is op het mandaat van de kiezer” en andere variaties op dit thema. Meerdere malen per dag mag/moet ik het aanhoren in de aanloop naar de verkiezingen.
Hoezo mandaat? Ik weiger ten enenmale me op deze manier te laten misbruiken. Als kies-keurig mens geef ik niemand een “mandaat”. En zeker niet aan politici. Die consequent laten zien daarmee aan de haal te gaan.

Verstandskiezen
Kiezen met verstand. Kom er nog maar eens om. De programma’s doorlezend is er geen partij te vinden waar ik alle programpunten (als dan niet doorspekt met vaagtaal) kan ondersteunen.
Vragen ze me dan maar te kiezen uit de minst slechte? Die vervolgens dan gemakshalve ook aannemen dat ik ze ook een “mandaat” gegeven heb om voor elkaar te krijgen waar ik tegen ben? Mijn restje verstand zegt dat ik niet gek ben. En het niet voor het kiezen heb.

Mijn mandaat krijgen ze niet.

Breek me de bek niet open
Ik was al tot de conclusie gekomen dat het woord “kiezer” weinig om het lijf had (“de kleren van de keizer”, i.c.m. de klere aan de kiezer), en slechts de functie vervult van stemmer. De handeling dan. Want daarmee is het weer tot de volgende stembusronde gedaan. De “democratische plicht” is weer vervuld denkt men dan.

Maar nu laat ik ook deze kliko aan me voorbijgaan. Ik stem niet meer. Kiezen kon ik toch al niet.
Ik trek het niet meer. Ik ben ontstemd.
Kan je niet kies vinden, maar het is kiezen of delen. En voor mij niet kiezen én delen.

Mijn stem krijgen ze niet. Die horen ze slechts. Zouden ze daar al voor kiezen.

Verkiezingsprogramma’s:
VVD: Niet doorschuiven maar aanpakken
PvdA: Nederland Sterker & Socialer
SP: Nieuw vertrouwen
CDA:  Iedereen
D66: En nu vooruit
Groenlinks: Groene kansen voor Nederland
PVV Hun Brussel. Ons Nederland
CU: Voor de verandering
PvdD: Hou vast aan je idealen. Laat je niet wegcijferen
SGP: Daad bij het woord

Zie ook: http://www.nrc.nl/nieuws/2012/07/24/politieke-partijen-hebben-het-nietszeggen-tot-kunst-verheven/

Terug lezen:
https://aadverbaast.wordpress.com/2010/03/03/de-weggegooide-stemmer-2/

De weggegooide stemmer

Vandaag naar de stembus. Of is het de prullenbak? Of gescheiden afvalverwerking? De democratische burger is vakkundig monddood gemaakt. Van een echte volksvertegenwoordiging is geen sprake meer. dat zegt het volk inmiddels ook. Hoog tijd om ons democratisch systeem eens grondig te hervormen. Hier een overzicht en voorzet.

Belangenbehartiging?
Grotere partijen verliezen al jaren substantieel leden. Kleine partijen winnen nog wat leden. Alle politieke partijen samen hebben nog maar 300.000 leden. Gemiddeld slechts zo’n 30.000. Daar zal de kiezer het mee moeten doen.

De nieuwe trend is zelfs, dat je niet eens meer lid kan worden van een partij. Die noemen zich dan ‘beweging’. Een omgekeerde wereld. Beweging krijgen in hun standpunten is niet mogelijk. Dat is exclusief voorbehouden aan de ‘grote leider’.

Mag ik dit met een aantal belangenbehartigers vergelijken? Ja, dat mag.
ANWB, FNV, KNVB etc.: miljoenen/honderdduizenden leden. Iets te vertellen in de politiek?
Retorische vraag.

Stelling: De politieke partij als volksvertegenwoordiging is een niet meer te verdedigen stelling.

In onze democratie is het wel regel dat je alleen op die gehavende partijen kan en mag stemmen.
Is dat niet vreemd? Als er weinig te kiezen is, daaruit te moeten kiezen? Is dat democratie?

Schimmige processen. Lokaal, provinciaal en landelijk.
 
De totstandkoming van de verkiezingslijsten heeft ook weinig met democratie te maken. Ons-kent-ons principe vanuit de leemlagen van de partij. Zelfs de leden hebben vaak het nakijken. Laat staan de stemmer.

Is de kiesdeler voor de topper overschreden, dan gaan het overschot naar de volgende op rij. Daarmee is het schier onmogelijk om ergens bungelend onderaan de lijst nog boven te komen drijven middels voorkeurstemmen. Sinds 1959 is dit slechts 9 keer voorgekomen.

De Provinciale Staten kiezen uit hun midden dan weer de Gedeputeerde Staten met als voorzitter de 
een door de regering aangewezen Commissaris van de Koning(in). De Provinciale Staten kiezen ook de leden van de Eerste Kamer leden. Die de Tweede Kamer dan weer mogen controleren.

Is daar allemaal nog een touw aan vast te knopen? Wie voelt zich nog vertegenwoordigd, door wie?

In de gemeenteraden worden coalities gesmeed. Coalities houden de rijen gesloten. Is dat democratie? Vier jaar vast zitten aan plannen gesmeed na de verkiezingen is een lange tijd!

Landelijk: de grootste partij wordt door de koningin uitgenodigd een coalitie te smeden.
Dan komt er een ‘regeerakkoord’. Waarin ineens tot ieders grote verrassing alle ‘controversiële onderwerpen’ zijn voorbestemd. En door de coalitie tot geboden worden verheven voor mogelijk vier jaar. Tot grote verrassing van de kiezer. Is dat wat we wilden?
De politiek zegt: ja. Maar is dat zo? Is daar voor gekozen?

De afgelopen weken/jaren hebben we gezien dat van het beloofde ‘dualisme’ in de kamer niets terecht komt. De oppositie heeft niets te vertellen. Massaal wordt door de coalitiegenoten meegestemd met de regeringsvoorstellen. De oppositie kan slechts winnen als één van de coalitiepartijen er uit stapt.

Dan horen we de woorden: “het is nu aan de kiezer.” Vol (verhulde) ironie en spot: daarvoor was het immers niet aan de kiezer. Daarna ook niet.

Wim Kan heeft het lang geleden treffend verwoord: “Democratie is de wil van het volk. Ik lees elke ochtend stomverbaasd in de krant wat ik nou weer wil.”

Kontakt verloren.
Als een partij verliest, dan is (na lang navelstaren) de standaard conclusie van die partij: we hebben te veel het kontakt met de kiezer verloren. Dat is geen ‘rocket science’. Met dit door de politiek in de hand gehouden systeem is dat immers een gegeven. Er is niet of nauwelijks sprake van contact.

De resultaten.
Als de radeloze stemmer zijn woede en onmacht over hun gebrek aan invloed niet kwijt kan, dan gooien velen hun stem op nieuwe partijen die die woede handig weten uit te buiten. De woede is nu inmiddels zo groot dat je er zo maar, uit het niets, de grootste partij (herstel: beweging) mee kan worden. Is dan die partij een gevaar? Of heeft de gevestigde orde dat gevaar zelf gecreëerd door dit schimmige systeem in stand te houden? En zijn zij zelf niet onderdeel (en veroorzaker) van dat gevaar? Nog zo’n retorische vraag voor mij.

Tussentijdse conclusie.
De kiezer stemt, maar heeft weinig te kiezen. De democratie is monddood gemaakt. De burger heeft het nakijken en krijgt dat in de gaten. Terecht. Tijd om het roer om te gooien.

Enkele voorstellen (die ik ‘in de groep gooi’ bij deze).
 
a. Kies een burgemeester en een premier (Meer dan 50% criterium). Laat de ‘kwien’ er buiten.
b. Die burgemeester en premier mogen dan een raad/kabinet samenstellen.
c. De raad/kamer moeten de wethouders respectievelijk het kabinet goedkeuren.
d. De neutrale stemmen worden ‘lege zetels’, met neutrale stemmen.
e. 33% (kamer 50 v.d. 150 zetels) worden gevuld door burgerzetels (zie hieronder voor uitleg)
f.  De 1ste kamer wordt opgeheven. In plaats daarvan een toezichthouder.
g. De drempel voor een burgerinitiatief en referendum worden lager.
h. Het surplus van de stemmen worden evenredig verdeeld over de andere kandidaten. Zo krijgen voorkeursstemmen meer invloed dan nu.

Zo eerst maar even. Ik kan er nog wel meer bedenken. Het wordt tijd dat de burger het weer voor het zeggen krijgt. En de politiek weer in contact komt met de stemmer en kiezer. Dat verband is nu verloren. Met dramatische gevolgen. Ik ben benieuwd naar jullie suggesties hoe het (nog) beter kan.

Ik wens de lezer nog een genoeglijke 3 maart en (alvast) een aanloop naar 9 juni.

De politiek roept het hardst: “laat uw stem niet verloren gaan”
En doen er vervolgens alles aan jouw stem verloren te laten gaan.

Vanavond de ‘politiek leiders’ bijeen om de uitslag te evalueren. Ze gaan allemaal uitleggen dat ze eigenlijk gewonnen hebben. Maar ze hebben allemaal verloren. De kiezer namelijk. In een slechte stemming.

Noot: ad e. “33%”
Als er mogelijkheden zijn om snel een “representatief onderzoek” te doen naar de mening van de burger, dan kan deze mening (en verdeling) dus ook representatief ingebracht worden in de kamer over ter zake doende onderwerpen. Er zijn er genoeg immers.
 
Voorbeeld/case studie: Den Helder..
Trouw: Tegen de arrogantie van de scheve bomen
Documentaire Zembla over Den Helder: Wie bestuurt de stad? Aanrader!
Met daarin de historische woorden van de verantwoordelijke wethouder: “daar gaat de burger niet over.”
 
Verder lezen:
Volkskrant: Nederland is zijn politieke leiders zat  
NRC: NRC.nl: groot alarm. De politici zijn hun gezag verloren
NRC: D66 wint veel leden 
Raad Openbaar Bestuur (ROB) rapport: Vertrouwen op democratie (PDF)
Enkele termen daarin: Burgerhandvest, Burgerjury, Burgerpanel, Burgerforum, Burgerinititiatief..
Interessant rapport. Ooit van gehoord? Ondergesneeuwd en op de ‘vuilnisbelt’.
Wikipedia.org: burgerforum Kiesstelsel
Montesquieu-instituut: historisch overzicht kiesstelsels
 
 
Bron plaatje: (bijgeknipt) plaatje M.de Jonge.
 
 
 

Stemmingmakerij = stemmenwinst!

De Stanford Universiteit heeft in 4 verschillende onderzoeken aangetoond dat het uiten van woede en boosheid leidt tot statusverhoging in een groep en tot meer vertrouwen.

In een experiment (video’s van in scène gezette sollicitatieprocedures) bleek dat de proefpersonen sollicitanten die boosheid uitten vaardiger vinden en zouden die sollicitanten een hoger salaris geven.
Een verhoogde status toekennen dus.

Proefpersonen zagen ook politici (bekende en onbekende, op band).
De ene keer boos en de andere keer bezorgd.
De boos en opgewonden politicus kon meer mensen voor zich winnen.
Deze werden als competenter gezien en de proefpersonen waren bereid op ze te stemmen.
De bezorgde en verdrietige politici werden als minder vaardig gezien.

Een interessante conclusie: politieke incorrectheid leidt tot stemmenwinst.
Stemmingmakerij leidt tot stemmenwinst.

Een rondje maken langs politici en politieke partijen in Nederland.
Toen (2006 verkiezingen) en nu: de laatste politieke barometer (stand 22/2/08).

Te beginnen bij de regeringspartijen

CDA toen 41 zetels, nu 36.
PvdA toen 33 zetels, nu 25.
CU toen 6 nu 8.
Totaal 11 zetels verlies en geen kamermeerderheid meer.
Het vertrouwen in het kabinet is inmiddels tot een absoluut dieptepunt gedaald (14%). Verklaarbaar?
Als regering(spartij) ben je gedwongen politiek correct te zijn.
Is Wouter Bos nu niet een totaal andere persoon (en onzichtbaar geworden) in vergelijk met zijn optreden voor de verkiezingen? Wat was hij boos toen!
Zoveel politieke correctheid van de PvdA heb ik niet meer gezien in jaren! Veel stemmenverlies. André Rouvoet wil nog wel eens balletje opgooien in zijn vrije rol. Slimste jongetje van die klas in deze. Geeft stemmenwinst.

VVD toen 22 nu 21.
Oppositiepartij. Kan lekker schoppen. Mark Rutte moppert, maar probeert netjes te blijven.
Moet nog groeien in zijn rol’ zeggen zijn partijgenoten dan.

SP toen 25 en nu 21.
Geweldige groei meegemaakt de laatste jaren.
Hij koos er al snel voor niet in een kabinet te gaan zitten. Logisch, dan was zijn winst heel snel verdampt..
De laatste tijd is Jan Marijnissen wat milder geworden. Klinkt meer bezorgd dan boos de laatste tijd. Met de gevolgen van dien. Staat op verlies inmiddels.

D66 toen 3 nu 5.
D66 had altijd al het imago van een politiek correcte partij te zijn.
Alexander Pechtold is daar een product van geworden.
De laatste tijd wordt hij (binnen zijn mogelijkheden) iets feller.. Laat dat ook zien. Stemmenwinst.

Groenlinks toen 7 nu 8.
Femke Halsema is een toonbeeld van politiek correctheid. Wel een oppositiepartij maar erg netjes. Altijd bezorgd, zelden boos.. Ze zegt zelf vaak: ik wordt er verdrietig van.
Verkeerde uitspraak toont het onderzoek aan. Het blijft rommelen dus.

Trots op Nederland toen 0 nu 11.
Rita Verdonk wist feilloos knuppels terug in het hoenderhok te gooien. Erg stil nu. Zakt ook flink in de peilingen daardoor. Hoogste punt was ooit 27 zetels!

Partij voor de Vrijheid toen 9 nu 14.
Geert Wilders is de belichaming van politieke incorrectheid. Hij heeft het tot kunst verheven.
Zijn timing om dat te laten blijven zien is sterk.
Wint nog steeds de hoofdprijs in stemmenwinst: hij is immers overal boos en woedend over en laat dat ook overal zien.
De media ook, de stemmers volgen het letterlijk en figuurlijk.

Postuum: Pim Fortuin: die beheerste dit spel als geen ander. Het ging voor het premierschap. Een ambt met zeer hoge status. Zou mogelijk nog gelukt zijn ook, ware het niet dat een gestoorde dierenactivist daar en aan hem een einde maakte.

Dit om maar aan te tonen dat het veelal over de vorm gaat, en veel minder over de inhoud.
Dat onderzoek had dat al aangetoond in 2001.

Nog even: Amerika?
Spiegeltje spiegeltje aan de wand, wie is ‘de booste’ van het land?
Lees ik net in de krant: Clinton en Obama hielden het netjes in hun debat.
Dan denk ik: onbekend met dit onderzoek?
Regeren is vooruitzien.. achteruitkijken ook, schreef ik eerder..
De ‘traan’ van Hillary: leek even te werken, maar ze heeft het daarmee niet gered..

Ik houd mijn stemmingen erin! Hou het in de peiling!

Noot: Deze blog is een vervolg van: De paradox van de disharmonie..
Peter Louter gaf zijn stokje van graag door schreef hij in een reactie op deze blog.
8 oktober 2007 schreef hij de blog: Over de ware aard van politieke correctheid Bij deze Peter!

Plaatje is geleend